
Wie zich verdiept in acupunctuur, shiatsu of de Traditionele Chinese Geneeswijze, komt al snel het woord Qi tegen.
Qi spreek je ongeveer uit als tsjie. Het wordt vaak vertaald als energie of levenskracht, maar eigenlijk is de betekenis breder dan dat.
Qi beschrijft alles wat beweegt, verandert, verwarmt, voedt en functioneert. Het is geen stof die je kunt aanwijzen of meten, maar een traditioneel begrip waarmee binnen de Chinese geneeswijze wordt uitgelegd hoe het lichaam en de natuur voortdurend in beweging zijn.
Je zou Qi kunnen zien als het verschil tussen iets dat alleen bestaat en iets dat werkelijk leeft en functioneert.
Qi is overal in beweging
Binnen de Chinese filosofie staat de mens niet los van de natuur.
Een zaadje dat ontkiemt, een boom die groeit, water dat stroomt en de overgang van winter naar lente zijn allemaal voorbeelden van beweging en verandering. Binnen deze visie zijn het uitingen van Qi.
Ook in ons lichaam is voortdurend beweging aanwezig:
- we ademen;
- we verteren voeding;
- bloed en lichaamsvloeistoffen circuleren;
- spieren trekken samen en ontspannen;
- we voelen, denken en reageren;
- wondjes herstellen;
- ons lichaam houdt zichzelf warm.
Al deze functies worden binnen de Chinese geneeswijze met Qi verbonden.
Qi is dus niet één afzonderlijk iets. Het is een verzamelnaam voor de verschillende processen die ervoor zorgen dat het lichaam kan leven, reageren en zich aanpassen.
Qi is meer dan ‘energie’
Het woord energie kan de indruk wekken dat Qi een onzichtbare brandstof is die ergens door het lichaam stroomt. Dat beeld helpt soms, maar het vertelt niet het hele verhaal.
Qi kan binnen de Chinese geneeswijze verschillende functies hebben. Het kan:
- het lichaam in beweging brengen;
- warmte produceren;
- voeding omzetten en vervoeren;
- organen en lichaamsstructuren op hun plaats houden;
- het lichaam helpen beschermen tegen invloeden van buitenaf;
- bloed en lichaamsvloeistoffen laten circuleren.
Wanneer deze functies goed verlopen, merken we daar meestal weinig van. We voelen ons voldoende energiek, kunnen herstellen van inspanning en onze spijsvertering en slaap verlopen redelijk vanzelf.
Pas wanneer iets minder soepel functioneert, wordt de balans merkbaar.
Verschillende vormen van Qi
Binnen de TCM wordt gesproken over verschillende vormen van Qi. Deze beschrijven waar onze levenskracht vandaan komt en welke functie zij heeft.
Oorspronkelijke Qi
De oorspronkelijke Qi, ook wel Yuan Qi genoemd, is verbonden met onze aangeboren constitutie.
Je kunt dit vergelijken met de basis waarmee je wordt geboren. De ene persoon heeft van nature veel uithoudingsvermogen, terwijl een ander sneller rust nodig heeft. Deze basis wordt onder andere beïnvloed door erfelijke aanleg en de gezondheid van de ouders rond de conceptie.
Volgens de TCM kunnen we deze oorspronkelijke reserve niet onbeperkt aanvullen. We kunnen er wel zorgvuldig mee omgaan door voldoende te slapen, regelmatig te eten en langdurige overbelasting te voorkomen.
Voedings-Qi
Uit wat we eten en drinken maakt het lichaam bruikbare voeding en energie. Binnen de TCM wordt dit onder andere Gu Qi, oftewel voedings-Qi, genoemd.
De Maag ontvangt en verteert het voedsel. De Milt zorgt er volgens de Chinese geneeswijze voor dat de bruikbare bestanddelen worden omgezet en door het lichaam worden verspreid.
Daarom krijgt voeding binnen de TCM zoveel aandacht. Niet alleen wat je eet is belangrijk, maar ook:
- hoe vers het is;
- hoe het wordt bereid;
- of je het goed kunt verteren;
- op welk moment je eet;
- hoeveel rust je tijdens het eten neemt.
Een maaltijd kan op papier gezond zijn, maar wanneer je hem gehaast eet of er voortdurend een opgeblazen gevoel van krijgt, past hij op dat moment misschien minder goed bij je.
Qi uit de ademhaling
Ook de lucht die we inademen draagt volgens de TCM bij aan onze dagelijkse Qi.
De Longen nemen deze Qi op en werken samen met de Qi uit voeding. Daarom kunnen een oppervlakkige ademhaling, weinig beweging en lange dagen binnen zitten invloed hebben op hoe energiek en helder je je voelt.
Even naar buiten gaan, bewust dieper ademen of rustig bewegen kan soms al helpen om meer ruimte en levendigheid te ervaren.
Beschermende Qi
De Wei Qi wordt vaak omschreven als de beschermende Qi.
Deze beweegt volgens de TCM aan de buitenzijde van het lichaam en helpt bij het reguleren van de poriën, transpiratie en lichaamstemperatuur. Ook wordt Wei Qi verbonden met de weerstand tegen invloeden van buitenaf, zoals koude, wind en ziekteverwekkers.
Wei Qi is niet precies hetzelfde als het westerse immuunsysteem. Het is een breder traditioneel concept, maar er zijn wel overeenkomsten in de beschermende functie die eraan wordt toegeschreven.
Wat betekent een tekort aan Qi?
Wanneer er binnen de TCM sprake is van een Qi-tekort, betekent dit dat bepaalde lichaamsfuncties onvoldoende kracht hebben.
Dat kan zich bijvoorbeeld uiten als:
- vermoeidheid;
- weinig kracht of uithoudingsvermogen;
- snel buiten adem zijn;
- een zachte stem;
- weinig eetlust;
- een zwaar gevoel na het eten;
- moeite met concentreren;
- snel herstellen na ziekte of inspanning lukt niet goed.
Niet iedereen met vermoeidheid heeft volgens de TCM automatisch een Qi-tekort. Vermoeidheid kan ook ontstaan door stress, slecht slapen, bloedarmoede, medicatie, hormonale veranderingen of andere medische oorzaken.
Tijdens een behandeling wordt daarom altijd naar het volledige klachtenbeeld gekeken.
Wat is Qi-stagnatie?
Qi hoort te bewegen.
Wanneer die beweging wordt belemmerd, spreekt men binnen de Chinese geneeswijze van Qi-stagnatie. Je kunt het vergelijken met verkeer dat niet meer goed doorstroomt. De weg is er nog, maar er ontstaat ophoping, druk en irritatie.
Qi-stagnatie wordt binnen de TCM onder andere in verband gebracht met:
- een drukkend of gespannen gevoel;
- klachten die wisselen of van plaats veranderen;
- veel zuchten;
- een opgeblazen buik die verergert bij stress;
- spanning in nek, schouders of kaken;
- frustratie of prikkelbaarheid;
- klachten rond de menstruatie;
- het gevoel lichamelijk of emotioneel vast te zitten.
Pijn wordt binnen de TCM vaak gezien als een teken dat Qi en soms ook Bloed niet vrij kunnen bewegen. Dat betekent niet dat iedere pijn uitsluitend door een energetische stagnatie ontstaat. Pijn kan uiteraard ook het gevolg zijn van letsel, ontsteking, slijtage of een andere medische aandoening.
Het TCM-patroon is een aanvullende manier om te onderzoeken waarom een klacht bij de ene persoon anders verloopt dan bij de andere.
Qi en emoties
Emoties zijn binnen de Chinese geneeswijze eveneens vormen van beweging.
Boosheid zet aan tot actie. Verdriet laat de energie naar binnen keren. Angst maakt alert en kan ons doen terugtrekken. Vreugde opent en verbindt.
Alle emoties zijn normaal en nodig.
Wanneer emoties echter langdurig worden ingehouden, voortdurend aanwezig zijn of geen passende uitweg krijgen, kunnen ze volgens de TCM de vrije beweging van Qi verstoren.
Langdurige stress kan ook vanuit westers perspectief invloed hebben op spierspanning, ademhaling, slaap, spijsvertering en pijnbeleving. Lichaam en emoties zijn dus niet volledig los van elkaar te zien.
Dat betekent niet dat lichamelijke klachten “tussen de oren” zitten. Het betekent dat wat we meemaken ook lichamelijk kan doorwerken.
Hoe ondersteunen acupunctuur en shiatsu de Qi?
Bij acupunctuur worden dunne naalden geplaatst op zorgvuldig gekozen punten. Bij shiatsu wordt met druk, rekking en aanraking langs het lichaam en de meridianen gewerkt.
Binnen de Chinese geneeswijze zijn deze behandelingen erop gericht om:
- beweging te brengen waar iets stagneert;
- te ondersteunen waar Qi tekortschiet;
- warmte te geven waar koude overheerst;
- rust te brengen bij te veel onrust;
- de samenwerking tussen verschillende orgaansystemen te helpen reguleren.
Welke punten of technieken worden gekozen, verschilt per persoon.
Twee mensen kunnen allebei hoofdpijn hebben, maar binnen de TCM toch een ander patroon laten zien. De ene persoon heeft misschien vooral spanning en frustratie, terwijl bij de ander vermoeidheid, hormonale schommelingen of een verzwakte spijsvertering een grotere rol spelen.
Daarom wordt niet alleen de klacht behandeld, maar wordt gekeken naar het geheel.
Kun je zelf je Qi ondersteunen?
Je hoeft niet precies te weten welke vorm van Qi mogelijk uit balans is om goed voor je basisenergie te zorgen.
Een paar eenvoudige gewoonten kunnen al helpen
Eet regelmatig en met aandacht
Probeer maaltijden niet voortdurend over te slaan en eet zo veel mogelijk op rustige momenten. Goed kauwen helpt het lichaam om voeding gemakkelijker te verwerken.
Warme en gekookte maaltijden kunnen vooral prettig zijn wanneer je snel koud, moe of opgeblazen bent.
Kies voeding die je werkelijk voedt
Binnen de Chinese voedingsleer wordt veel waarde gehecht aan verse en zo min mogelijk sterk bewerkte voeding.
Groenten, granen, peulvruchten, eieren, vis, vlees, noten en zaden kunnen allemaal bijdragen aan een voedzame maaltijd. Wat het beste past, hangt af van je constitutie, spijsvertering en leefstijl.
Niet ieder rauw product is automatisch beter en niet ieder gekookt product heeft minder voedingswaarde. Het belangrijkste is dat je lichaam de maaltijd goed kan opnemen en verwerken.
Adem bewust
Wanneer je gestrest bent, wordt de ademhaling vaak oppervlakkiger.
Neem af en toe een moment om bewust rustig in te ademen en langer uit te ademen. Ontspan daarbij je schouders en kaken.
Je hoeft geen ingewikkelde ademhalingstechniek te gebruiken. Alleen al bewust worden van je ademhaling kan helpen om uit de voortdurende haast te stappen.
Beweeg regelmatig
Qi wil bewegen.
Wandelen, fietsen, zwemmen, dansen, yoga, tai chi en qigong kunnen allemaal helpen om het lichaam soepel te houden en spanning los te maken.
Daarvoor hoef je niet intensief te sporten. Regelmatige beweging die bij je belastbaarheid past, is vaak waardevoller dan af en toe extreem veel doen.
Neem herstel serieus
Ook rust is nodig om Qi te bewaren en aan te vullen.
Wie voortdurend doorgaat, raakt uiteindelijk uitgeput. Probeer daarom niet alleen rust te nemen wanneer je lichaam echt niet meer verder kan.
Voldoende slaap, pauzes gedurende de dag en momenten zonder prikkels zijn geen luxe. Ze zijn onderdeel van een gezonde afwisseling tussen activiteit en herstel.
Luisteren naar de taal van je lichaam
Een klacht is niet altijd een vijand die zo snel mogelijk moet worden onderdrukt. Soms is het ook een signaal dat er iets aandacht nodig heeft.
Misschien ben je langere tijd over je grenzen gegaan. Misschien beweeg je te weinig, slaap je slecht of krijg je onvoldoende herstel na inspanning. Soms ligt de oorzaak buiten je eigen invloed en is medisch onderzoek nodig.
Luisteren naar je lichaam betekent daarom niet dat je iedere klacht zelf moet kunnen oplossen. Het betekent dat je signalen serieus neemt en op tijd passende hulp zoekt.
Binnen de Chinese geneeswijze vormt Qi een taal om die signalen en onderlinge verbanden beter te begrijpen.
Qi als voortdurende beweging
Qi is moeilijk in één zin te vangen.
Het is geen orgaan, geen vloeistof en ook niet simpelweg de hoeveelheid energie die je op een dag hebt. Qi beschrijft het vermogen van het lichaam om te bewegen, te verwarmen, te voeden, te beschermen en zich aan te passen.
Wanneer Qi vrij kan bewegen en voldoende wordt gevoed, ervaren we meestal meer veerkracht en evenwicht.
Wanneer die beweging stagneert of de kracht afneemt, kunnen klachten ontstaan.
Acupunctuur en shiatsu zijn erop gericht om het lichaam binnen dit traditionele model te ondersteunen. Maar ook dagelijkse keuzes spelen een rol: eten, ademen, bewegen, rusten en aandacht hebben voor wat je lichaam aangeeft.
Qi is daarmee niet alleen een abstract begrip uit oude Chinese teksten.
Het is de voortdurende beweging van het leven zelf.
Qi is een traditioneel concept binnen de Chinese geneeswijze en geen meetbare medische grootheid. Acupunctuur en shiatsu kunnen aanvullend worden ingezet, maar vervangen geen medische diagnose of noodzakelijke behandeling. Laat nieuwe, ernstige of aanhoudende klachten beoordelen door een arts.
